De vlieg op het puntje van je tong is een gedichtenboekje van honderd bladzijden geschreven door Kamiel Choi, met illustraties van Miru Choi en haar moeder, Yeon Choi.
Als je kijkt naar het puntje van je tong
is hij alweer weg, want mensentongen
zijn niet kleverig genoeg.
We kunnen hem niet zien
met onze ogen open.
Maar de vlieg is overal:
tussen het fruit en in het park,
in kathedralen, bij Spinoza, op de bramen.
Hij zingt met rijmertje de blues
en landt voor een toegift midden in een orkest
of op de neus van Zaza en Pinkel, Brams man,
de bazen Klip en Klungel, Dirk, Shikolov
en Radumantan, meneer van Zwikken, de haai,
de aquatopsis of een plusser.
In de bundel staan gedichten voor volwassenenen én versjes in de stijl van Annie MG Schmidt en Cees Buddingh’. Je vindt er raps en korte, verstilde observaties, een blues en raadsels, ballades en grappen.